maandag 25 oktober 2010

Een kijkje in de keuken

Als je docenten vraagt naar de motieven waarom ze ooit in het onderwijs zijn gestapt, krijg je vaak verhalen over hun passie voor het vak, maar ook de liefde voor hun studenten. Ik heb zelf wel aan den lijve ondervonden hoe voorwaardelijk die liefde in veel gevallen is. Als je je houdt aan de regels, niet te veel zorgt voor onrust en voldoendes scoort, dan is er niet te veel aan de hand. Als je echter, zoals ik, nogal moeilijk kon stilzitten in de klas, moeilijk je mond dicht kon houden en meer geïnteresseerd was in wat er buiten de klas om gebeurde, dan is het al snel gedaan met die liefde. ”Uitzichtloos”, sprak TumTum toen hij mij mijn rapport overhandigde. Al vroeg na het begin van de lessen belandde ik dan ook in het hok van de conciërge, meneer De Bok. Een gouden man. Hij vroeg mij over van alles en nog wat en ik had het gevoel dat hij echt belangstelling voor mij had. Dat ik vervelende klusjes moest doen als vorm van straf nam ik op de koop toe. Ik deed het graag voor hem. Ik heb nog veel ‘De Boks’ meegemaakt. Met name van conciërges en koffiedames (Nel) heb ik veel geleerd. Ik heb dan ook veel aan hen te danken. Een bakkie troost was echt een bakkie troost. Mensen die werkelijk belangstelling voor je hadden, die op de hoogte waren ook van alles wat er in de onderstroom van de school gebeurde.

Vrijdag. Ik verheug mij altijd op deze dag, want dan is Tony op de campus. Bevestigd door de sierlijke rode neonverlichting. Tony’s. In de kleine keuken verzet ze voortdurend het krukje. Op de toonbank uitnodigende broodjes. Ik bestel een broodje bal. Een echte smakelijke slagersbal. We raken in gesprek tijdens het wachten. Ze vertelt dat ze er gisteren ook al was. ’s Avonds overnacht ze dan in een antikraakwoning waar ook drie studenten wonen. Ook daar poetsen en schoonmaken. Stilzitten kan ze niet. Het huis ziet er dan ook spic en span uit, zeker in vergelijking met het andere studentenhuis op Heijplaat.

Je moet een bevroren hart hebben als dat niet opengaat als je met Tony praat. Hart op de tong. Verhalen over vroeger. Over haar vader die al 49 was toen zij geboren werd. Verzetsheld die na de oorlog ook in Frankrijk gedecoreerd werd, nadat hij vele drenkelingen had gered van een schip dat op een mijn gevaren was. Zelf raakte hij hierbij ernstig gewond, waardoor hij zijn leven lang last had van epileptische aanvallen. Klaagde hier nooit over. Ook niet over de opvoeding van de kinderen, waar hij alleen voor kwam te staan toen Tony’s moeder kwam te overlijden toen ze nog maar 9 was. “Wil je 1 of 2 broodjes?”, vraagt ze mij als de magnetron aangeeft dat mijn bal klaar is. “1 graag.” Een broodje Met.

Net als ik mijn laatste hap in mijn mond stop, word ik gebeld door Juliette Hoogeveen van de Kenniskring Versterking Beroepsonderwijs. Zij doet met Margriet Clement verdiepend onderzoek voor het project RDM Campus/innovatieteams en op het project Kennishuishouding in de Industrial Maintenance. Ze wachtten mij op in Innovation Dock. Een flinke herrie in de hal, waar de glazen wand wordt gezet in de congresruimte. Bijzonder om te zien dat hier amper 5 weken geleden alleen maar lege ruimte was. Vanwege het lawaai gaan we naar buiten. Lekkere herfstzon. Meten is zweten. Geen straf om met hen aan de tafel buiten te zitten. Gedreven, open mensen die met een moeilijke opdracht bezig zijn. Docenten zijn vaak bezig met het beoordelen van hun studenten, maar vinden het moeilijk om zelf beoordeeld te worden. Om anderen een kijkje in hun keuken te tonen. Voelen zich al gauw gecontroleerd. Dit wantrouwen kwamen Margriet en Juliette aanvankelijk ook tegen in sommige innovatieteams, maar dat werd al gauw weggenomen toen duidelijk werd dat de enige intentie om onderzoek te doen is om te leren.
Waaraan moet een innovatieve opdracht voldoen? Aan welke competenties wordt gewerkt? Hoe zorg je er voor dat ontbrekende aspecten opgenomen worden in de opdracht?

Binnen hun opdracht hebben ze ook een competentiekaart ontwikkeld voor docenten. Het is hun duidelijk dat niet iedereen kan werken in een innovatieve omgeving. Vereist flexibiliteit, inventiviteit, een open mind en enthousiasme. Is een uitdaging. Nu zie je in sommige gevallen nog dat teams bemand worden door mensen die tijd over hebben. Belangrijk om dat in kaart te brengen en te zorgen dat de juiste mensen op de juiste plek komen. Op mijn vraag of er ook een aparte competentiekaart is gemaakt voor de manager die er voor moeten zorgen dat die juiste mensen binnenkomen, krijg ik een ontkennend antwoord. Vind ik vreemd. In mijn visie wordt kwaliteit voor een belangrijk deel bepaald door de sturing op draagkracht. Kwaliteit = Visie x Draagkracht x Sturing. De visie op innovatieteams is helder: complexe vraagstukken oplossen in samenwerking tussen MBO, HBO en bedrijven. Blijft staan de vraag hoe we de draagkracht versterken?

Juliette en Margriet geven een mooi voorbeeld waarin dat is gerealiseerd. Concept House, een experimenteel modeldorp waarbij de focus ligt op het ontwikkelen, testen en demonstreren van duurzame en flexibele bouwsystemen. In het Concept House wordt gewerkt aan innovaties, kunnen de kwaliteiten van nieuwe systemen op verscheidene manieren worden onderzocht, en is er de mogelijkheid om vernieuwende concepten op prikkelende wijze te presenteren. Aangesloten bedrijven kunnen daarbij samenwerken met het innovatieteam dat nu nog bestaat uit studenten van Hogeschool Rotterdam, TU Delft en Universiteit Twente. Feedback van Juliette en Margriet dat het MBO in dit project ontbrak, kwam op het juiste moment. Studenten van Albeda worden ook bij het team betrokken nu de bouwfase is aangebroken. Doordat er iedere week een bouwoverleg is, waarbij ook de opdrachtgever aanwezig is, is er sprake van zeer korte lijntjes en een grote betrokkenheid en kon ook hier snel gecorrigeerd worden.

Een ander voorbeeld dat de dames geven is de samenwerking tussen studenten van het Albeda en de HR in de ontwikkeling van twee elektrische auto’s (FUM). Terwijl normaal een HBO’er geen idee heeft wat een MBO’er doet, andersom is dat niet anders, vroeg één van de studenten na een tijdje te hebben samengewerkt aan een ander lid van het innovatieteam: “Ben jij echt een MBO’er?” Een mooi voorbeeld waarin expertise gewaardeerd, erkend en gebruikt wordt.
Margriet en Juliette genieten van hun werk. Doordat ze mee mogen kijken in de verschillende teams, zien ze de uitdagingen, vroeger noemden we die problemen, waar de innovatieteams een antwoord op moeten formuleren. Wellicht is de belangrijkste uitdaging het communiceren van verwachtingen. Cruciaal. Wie doet waarom wat wanneer en hoe? Wat is ieders rol in dit proces? De nieuwe rol van docent in het projectteam is een volslagen andere rol dan in het reguliere onderwijsproces. Welke docenten hebben we daar voor nodig? Hoe realiseren we een duidelijke overdracht? Hoe zorgen we voor een goede match tussen enerzijds de verwachtingen vanuit het schoolsysteem en anderzijds de behoefte vanuit de bedrijven om te functioneren in een werknemersrol?

Aan het eind van ons gesprek vraag ik Juliette en Margriet naar hun motieven. Een mooi antwoord: “Als ik aan het eind van dit jaar niets nieuws heb geleerd, dan heb ik het niet goed gedaan. Hier valt een hoop te leren.”

0 reacties:

Een reactie plaatsen